Bekostiging en macro-uitgaven

In 2019 bedroegen de totale uitgaven aan de gezondheidszorg 80.924 mln (CBS). De uitgaven aan mondzorg in tandheelkundige praktijken bedroegen in dat jaar 3.297 mln (CBS). Dit komt neer op 4,07% van de totale zorguitgaven.

Een klein deel van die uitgaven aan mondzorg wordt publiek gefinancierd uit de basisverzekering. Hieronder vallen:

  • de mondzorg aan de jeugd tot 18 jaar
  • voor volwassenen de chirurgische zorg door MKA-chirurgen en de uitneembare kunstgebitten
  • de bijzondere tandheelkundige zorg (VWS).

In 2019 is volgens gegevens van Zorginstituut Nederland bijna 793 miljoen uitgegeven aan deze publiek gefinancierde mondzorg.

De overige privaat gefinancierde mondzorg wordt deels betaald uit aanvullende verzekeringen die patiënten hiervoor hebben afgesloten. Uit gegevens van Vektis over 2020 blijkt dat 83% van de volwassenen van 18 jaar en ouder een aanvullende verzekering had. En dat bijna acht van de tien (79%) aanvullend verzekerden zich daarbij ook had verzekerd voor tandartskosten. Omgerekend naar het totaal van alle volwassenen komt dat neer op zo’n 65%. Zie de infographic hiervan in het NTVT van april 2021. In de samenvatting Aanvullend verzekerden staat een uitgebreider overzicht van onder meer deze omrekening.