Eigen tanden en kiezen

Met het stijgen van de leeftijd groeit het aantal mensen dat ‘edentaat’ is, dat wil zeggen geen tanden en kiezen meer heeft. Toch hangt tandverlies niet noodzakelijkerwijs samen met het ouder worden. Het heeft meer te maken met factoren als een slechte mondhygiëne en niet (regelmatig) naar de tandarts gaan.

In de afgelopen decennia is op dit gebied veel verbeterd en met resultaat. Meer mensen behouden tot op hoge leeftijd eigen tanden en kiezen.
Het CBS verzamelde in het verleden gegevens over het hebben van gebitsprothesen. In 2000 had 16% van de totale bevolking een kunstgebit boven én onder en was dus volledig edentaat. In 2009 was dit 12%. Omgekeerd had dus in 2000 84% en in 2009 88% van de bevolking nog (gedeeltelijk) eigen tanden en kiezen.

Sinds 2009 verzamelt het CBS deze gegevens niet meer. Op basis van de CBS-gegevens over de ontwikkeling tussen 2000 en 2009 kan wel een heel globale schatting worden gemaakt van het huidige percentage mensen zonder eigen tanden en kiezen. Dit is gedaan in het overzicht Globale schatting percentage mensen met volledig kunstgebit.

Op grond hiervan kan heel voorzichtig worden gezegd dat in de totale bevolking nu om en nabij 7% volledig edentaat is, dat wil zeggen een volledige prothese draagt en dat zo’n 93% dus (gedeeltelijk) eigen tanden en kiezen heeft. In de leeftijdsgroep van 65 t/m 74 jaar zou nu ongeveer 11% volledig edentaat zijn en heeft zo’n 89% dus (gedeeltelijk) eigen tanden en kiezen. En in de leeftijdsgroep van 75 jaar en ouder is dat naar globale schatting respectievelijk 35% en 65%.
Zie over ‘het dragen van een kunstgebit’ ook het artikel Verdwijnt het kunstgebit?.